scene24.net
Dankzegging
Sunday, January 19th, 2003 | Tags:
[...] Sterk is de behoefte zich deze stukken voor te stellen als net geschreven. Als verse muziek, nog zonder de last van interpretaties, connotaties en obligate associaties.
[...] Waarschijnlijk zag hij het direct voor zich: eenvoudig beginnen en dan de cello ontstijgen, geleidelijk via een complexe toonsoort, die hem donker, dreigend en onvriendelijk maakt om uiteindelijk de gewone cello te verlaten door er een snaar aan toe te voegen en ongeremd stralende muziek te schrijven, de zwaartekracht ontkennend.
[...] Bedenken we dan nog eenmaal hoe dit domein eens betreden werd door de grote Bach toen hij nederig onze cellonootjes stuk voor stuk begon op te schrijven. Bedenken we vooral ook dat het een ca. 35-jarige Bach was die zich moest inspannen zijn tomeloze creativiteit en energie te kanaliseren. Wiens brein honderden malen sneller dacht dan zijn veer kon schrijven. Een fantasie die een enorm spectrum bestreek.
Het is die gelaagdheid die de stukken zo hypnotiserend maakt, het eindeloos suggestieve, juist omdat maar één enkele cello klinkt. Een fascinerende paradox, deze alchemie in dansvorm. Geen onpeilbaar diepzinnige muziek van een hoogbejaarde, diepreligieuze componist, niet bijbels. Dat zou niet ontroeren. Wel magisch en eventueel bijbels in de zin dat zij in meestal begrijpelijke taal, van archaïsch tot verfijnd, verhalen vertelt over de onmetelijke dimensies en varianten van het humane experiment.
Daarom zijn we dankbaar: dat deze stukken bestaan, dat ze overal over lijken te gaan, dat we ontroerd zijn zonder te kunnen doorgronden of te weten of we moeten doorgronden, dat we genieten quia absurdum est.
Pieter Wispelwey over de ‘Six Suites’

Reacties
Joeri op January 19th, 2003
Hmm… Ik heb zelf de Anner Bylsma versie van die cellosuites. Is Wispelwey beter?
Fre op January 19th, 2003
Ik heb enkele maanden geleden een videoreportage gezien op de Nederlandse televisie over Anner Bylsma. Een man met een passie, zoveel is zeker. Maar zijn suites heb ik nog niet beluisterd. Als ik Wispelwey’s versie geabsorbeerd heb, zal ik er zeker eens naar uitkijken!